Een gemeente in Nederland gaat een klein jaar lang stil staan bij de vrucht van de Geest. En dan worden de volgende aspecten genoemd:  “liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing” (Galaten 5:22-23).

Tijdens de start van het kerkelijk jaar werd ook avondmaal gevierd. Wat kunnen we uit het avondmaals-formulier leren over de vrucht van de Geest?

1)      De Geest geeft ons berouw en helpt ons in de strijd tegen de zonde:

“Dankzij de heilige Geest hebben we van harte berouw over onze slechtheid en willen we graag tegen ons ongeloof strijden en volgens alle geboden van God leven”.

Tegelijk is er een grote mate van zelfkennis:

“We hebben geen volkomen geloof, dienen we God niet met zoveel ijver als we zouden moeten en hebben we dagelijks te vechten tegen de zwakheid van ons geloof en tegen onze slechte neigingen.”

Zelf redden we dit niet, we hebben Christus nodig:

 “We zoeken ons leven buiten onszelf, in Jezus Christus. Daarmee erkennen we dat ons bestaan beheerst wordt door de dood”

2)      De Geest geeft ons eenheid met Christus en daarmee vergeving en een eeuwig leven:

“Door zijn dood heeft Christus ook het recht gekregen de levendmakende Geest aan ons te geven.  Christus en wij vormen één lichaam: hij is ons hoofd, wij zijn delen van zijn lichaam. De Geest, die hem bezielt, woont ook in ons en verbindt ons aan hem.  Hij laat ons delen in heel de rijkdom die Christus schenkt: de vrijspraak en het leven in eeuwige luister.”

3)      En de Geest verbindt ons met elkaar: liefde met woorden en daden:

“Door diezelfde Geest verbindt hij ons ook met elkaar. We gaan als broeders en zusters van elkaar houden. Zo gaat een groot aantal delen één lichaam vormen. De apostel Paulus schrijft namelijk: Omdat het één brood is zijn wij, hoewel met velen, één lichaam, want wij hebben allen deel aan dat ene brood.  Christus heeft ons eerst volmaakt liefgehad. Daarom moeten ook wij elkaar liefhebben, en wel met woord én daad.”

 

Terugkomend op Galaten 5:22 en 23:

Als gemeente worden we dus opgeroepen liefde concreet te maken door: “liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing”. Het 3e punt uit de opsomming hierboven. Het is te hopen dat punt 1 en 2 ook aan bod komen, om niet in eenzijdigheid of zelfs horizontalisme te vervallen.