De zegen aan het einde van de kerkdienst luidt: “De genade van de Heer Jezus Christus, de liefde van God en de gemeenschap met de Heilige Geest zij met u allen” (2 Corinthiërs 13:13). In het Frans staat er “de communicatie van de Geest”. De Heilige Geest woont in ons. We mogen hem ervaren in onze gedachten, onze handelingen en in onze gevoelens. De Heilige Geest woont in ons en Hij is persoonlijk. Hij is de lijn van contact, het communicatiemiddel tussen de drie-enige God en ons als persoon.

De vraag “waar is je christelijk karakter?” moeten we afwijzen. Onze kracht als christen ligt niet in ons karakter, maar in de kracht van Jezus Christus: die is gekruisigd, opgestaan, opgevaren en verheerlijkt, de levende Christus. Door de Heilige Geest komen we in contact met de kracht van Christus. Jezus heeft dat voor zijn hemelvaart aan zijn kerk beloofd: “Je zult kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest over je komt” (Handelingen 1:8).

De kracht is niet iets van onszelf. Het is niet dat een individuele christen iets speciaals in zichzelf wordt. De kracht is altijd de kracht van de opgestane Christus. Ik mag putten uit zijn kracht, waardoor Hij de dood heeft overwonnen, mijn ziel heeft gered, en mij eens in de hemel zal ontvangen.

Christus heeft ons verlost. Niet alleen maar om naar de hemel te gaan, maar ook om de wet te houden:

 “Vanwege de zonde heeft God zijn eigen Zoon als mens in dit zondige bestaan gestuurd; zo heeft Hij in dit bestaan met de zonde afgerekend, opdat in ons wordt volbracht wat de wet van ons eist. Ons leven wordt immers niet langer beheerst door onze eigen natuur, maar door de Geest.” (Romeinen 8: 3b-4)

Wij konden de wet niet houden, daarom stuurde God zijn eigen zoon om – als mens –  gehoorzaam te zijn aan de wet. Nu we verlost zijn, kunnen we door de kracht van Christus en met hulp van zijn Geest gaan houden (met vallen en opstaan). Christus verloste ons, opdat:

–          We een nieuw leven gaan leiden (Romeinen 6:4)

–          We vrucht voor God gaan dragen (Romeinen 7:4)

–          De eis van de wet in ons vervuld zou worden (Romeinen 8:4)

Het feit dat de Heilige Geest in ons woont is geweldig, maar vereist ook een bewuste reactie van onze kant.

Als Christen kunnen we er driemaal verzekerd van zijn dat we kinderen van God zijn:

1)      Op basis van de belofte van God: “wie in de Zoon gelooft heeft eeuwig leven” (Johannes 3:16)

2)      Als we in ons leven vruchten van de Geest zien: zondebesef, berouw, verlangen om naar Gods geboden te leven

3)      De Geest getuigt met onze Geest dat we kinderen van God zijn, zodat we “Abba, Vader” kunnen uitroepen (Romeinen 8: 15,16)

Francis Schaeffer (want bovenstaande is ontleend aan zijn boek over Romeinen 1-8) vervolgt:

‘Als we gebroken zijn, als we in zonde gevallen zijn, als Satan, onze tegenstander ons weer heeft verslagen, voelen we die derde verzekering maar heel zwak. Op zulke momenten kunnen we teruggaan naar de eerste verzekering, dat we, als we Jezus hebben aangenomen als onze verlosser, Gods kinderen zijn. Soms beschrijf ik het als het vastgebonden zijn aan de mast van een schip. Als de golven opkomen en er op mij gebeukt en geslagen wordt, kan ik altijd teruggaan en zeggen: Ja, satan, ik ben weer gestruikeld, maar ik heb de eed en de belofte van God, gegrond op zijn heiligheid, op zijn eeuwige rechtvaardigheid, op zijn vlammende heiligheid zodat Hij niet kan liegen. Gebaseerd op het volbrachte werk van Jezus Christus heb ik deze rotsvaste belofte: Wie in de Zoon gelooft heeft eeuwig leven. Ik heb geloofd, en daarom heb ik eeuwig leven! Je kunt me niet meer van die zekerheid losmaken.’

Nav Francis A. Schaeffer, ‘Het volbrachte werk van Christus’