Gods Woord (ofwel: de Bijbel, de Schrift, de Openbaring): hoe verhoudt zich deze geschreven tekst tot het werk van de Heilige Geest? Moet je op basis van een geïsoleerd geciteerde bijbeltekst zeggen: ‘de letter doodt, maar de Geest maakt levend’? Anders gezegd: is de (‘levende’) Geest belangrijker dan het (’dode’)Woord?

Jezus – “de grondlegger en voltooier van ons geloof” (Hebreeën 12:2) geeft ons zelf het voorbeeld doordat alles wat Hij leerde geheel in overeenstemming was met de heilige Schrift: in zijn tijd op aarde: het Oude Testament.

De Heilige Geest was en is de bemiddelaar van alle communicatie tussen de mens en God. Het werk van de Geest is zowel het geven als het ontvangen van de openbaring. De Heilige Geest past de openbaring toe op ons van nature ondoordringbare hart. Want alleen God kan ons verstand, onze oren, onze ogen, en ons hart openen.

Lucas 24:45: Jezus opent het verstand van de Emmaüsgangers voor de uitleg van het oude Testament

Handelingen 16:14: de Heer opent het hart van de purperverkoopster Lydia, voor de uitleg van de Schriften (vgl Handelingen 17:2,3)

De bijbel is dus tot stand gekomen door de leiding van de Geest. En de Geest doet ons de woorden van de Bijbel aanvaarden, ze eren, en bestuderen.

Bij het geven van de openbaring kun 5 stappen onderscheiden, waarin de Geest werkzaam was:

1)      Openbaring van wijsheid en waarheid aan de schrijvers

2)      Inspiratie

3)      Canonisering

4)      Bewaring

5)      Vertaling

Bij het ontvangen van de openbaring kun je 3 fasen onderscheiden, waarin de Geest actief is in ons:

a)       Legalisatie: de Bijbel legaliseert zichzelf; de Heilige Geest maakt dat we niet twijfelen dat wat de Bijbel zegt van God komt;

b)      Verlichting: de Geest verlicht ons duistere verstand, zodat we de goddelijke waarheid kunnen onderkennen;

c)       Uitleg: door onze eigen inspanning tot bestudering van de Bijbel maakt de Geest ons duidelijk wat God ons wil zeggen.

Er is dus een wederzijds verband tussen de Gods Woord en de Heilige Geest. Zonder de Geest kunnen we niet verstaan wat de Schrift ons zegt, en zonder de Bijbel kunnen we geen zinnige waarheid geven over de Geest. Degenen die onder het gezag van de Geest willen leven, zullen dus moeten buigen voor Gods Woord, en degenen die willen leven onder het gezag van de Bijbel zullen de Geest moeten zoeken als de uitlegger.

Nav J.I. Packer, “Wandelen door de Geest”, pagina 234 e.v.